beentje-over
Uiterlijk
- been·tje-over
- (samenkoppeling) van beentje en over
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | beentje-over | beentje-overs |
| verkleinwoord | - | - |
de beentje-over m
- methode bij het schaatsen om de bochten te nemen
- Het woord 'beentje-over' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.