zakenwijk
Uiterlijk
- za·ken·wijk
- samenstelling van zaak en wijk met het invoegsel -en-
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zakenwijk | zakenwijken |
| verkleinwoord | zakenwijkje | zakenwijkjes |
- een deel van een stad waarin veel van het zakenleven zich concentreert
- Het deel van de stad ten noorden van de rivier is voornamelijk een zakenwijk.
- Het woord zakenwijk staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zakenwijk" herkend door:
| 87 % | van de Nederlanders; |
| 90 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be