close
Naar inhoud springen

Scagliola

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Scagliola
Scagliola
Algemene informatie
Toepassingsgebied toegepaste kunst
Basisprincipe(s) Chemie
Portaal  Portaalicoon   Wetenschap & Technologie

Scagliola is een ambachtelijke decoratietechniek waarbij stucwerkers een hoogwaardige imitatie van marmer en andere natuursteensoorten realiseren. Het betreft een verfijnde vorm van gekleurd pleisterwerk die volledig manueel wordt vervaardigd en tot doel heeft het uiterlijk van kostbare natuursteen zo natuurgetrouw mogelijk na te bootsen.[1]

Het materiaal wordt samengesteld uit een mengsel van gips, natuurlijke pigmenten, dierlijke lijm of gelatine en water. Door verschillend gekleurde massa's te kneden, te vouwen en gedeeltelijk met elkaar te vermengen, ontstaan karakteristieke aders en schakeringen die sterk doen denken aan natuurlijk marmer. Deze techniek maakt het mogelijk om grote decoratieve oppervlakken te realiseren en bood architecten een aantrekkelijk alternatief wanneer het gebruik van natuursteen technisch, logistiek of economisch minder haalbaar was.

In talrijke historische gebouwen, kerken en herenhuizen uit de zeventiende tot en met de negentiende eeuw blijken zogenaamd marmeren zuilen, pilasters en wandbekledingen in werkelijkheid uit hoogwaardige scagliola te bestaan. Vooral in Beieren ontwikkelde zich een sterke traditie van gespecialiseerde stucwerkers die uitblonken in deze techniek. Scagliola werd er op grote schaal toegepast, met name binnen de kerkelijke architectuur, waar het een kostenefficiënte en esthetisch verfijnde vervanging vormde voor kostbaar natuurmarmer.[2]

Daarnaast werd scagliola ook toegepast bij de vervaardiging van pronk- en siermeubelen, waar inlegwerk uit natuursteen vaak een te grote belasting zou hebben gevormd voor de constructie. Voor dergelijke toepassingen werd het materiaal in een meer vloeibare consistentie gebracht, zodat het in vooraf uitgesneden of gemodelleerde patronen kon worden gegoten. Na uitharding werd het oppervlak zorgvuldig geschuurd en gepolijst, waardoor een gladde afwerking ontstond die sterk leek op gepolijst marmer.

Deze techniek kende haar hoogtepunt in de achttiende eeuw. Het gebruik van scagliola bood kunstenaars nieuwe mogelijkheden om subtiele schakeringen, verfijnde kleurgradaties en gedetailleerde decoratieve motieven te realiseren.[3] Hierdoor evolueerde het inlegwerk tot een hoger artistiek niveau en kwam er meer creatieve vrijheid. Een bekend voorbeeld hiervan bevindt zich in het koorgestoelte van de Sankt-Lorenzabdij in Kempten, waar de panelen zijn uitgevoerd door Barbara Hackl (1669–1670).