amortisseur
Uiterlijk
- Geluid: amortisseur (hulp, bestand)
- amor·tis·seur
- Naamwoord van handeling van het Franse amortir met het achtervoegsel -eur [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | amortisseur | amortisseurs |
| verkleinwoord | amortisseurtje | amortisseurtjes |
de amortisseur m
- Het woord 'amortisseur' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "amortisseur" herkend door:
| 48 % | van de Nederlanders; |
| 63 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ amortisseur op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be