close
Naar inhoud springen

Strandkrab

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Strandkrab
Strandkrab
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Arthropoda (Geleedpotigen)
Onderstam:Crustacea (Kreeftachtigen)
Klasse:Malacostraca
Orde:Decapoda (Tienpotigen)
Onderorde:Pleocyemata
Familie:Carcinidae
Geslacht:Carcinus
Soort
Carcinus maenas
(Linnaeus, 1758)[1]
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Strandkrab op Wikispecies Wikispecies
(en) World Register of Marine Species
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De strandkrab (Carcinus maenas) is een kreeftachtige uit de orde tienpotigen. Het is een veel voorkomende Europese krabbensoort die zich als invasieve exoot wereldwijd verspreidde.[2]

Strandkrab die een mossel probeert te openen

De strandkrab blijft veel kleiner dan de noordzeekrab en heeft een carapaxbreedte tot 9 centimeter, mannetjes worden iets groter dan vrouwtjes. De schaallengte bedraagt 4 tot 6cm. De kleur is erg variabel en varieert van bruin tot groenachtig, het omhooggeklapte staartdeel op de buik is vaak roodbruin van kleur. Het dier heeft een hard pantser. Aan de voorzijde van het lichaam bevinden zich 3 driehoekige tanden, die tussen de gesteelde ogen staan. Het onderscheid tussen mannetjes en vrouwtjes is aan de onderkant van de krab te zien. Een mannetje heeft daar een duidelijke driehoek bestaand uit drie segmenten, een vrouwtje een bijenkorfachtige structuur bestaand uit vijf segmenten.

Strandkrabben leven op zanderige en rotsachtige kusten en lopen zoals de meeste krabben zijwaarts. Ze zijn vooral nachtactief en graven zich overdag in. Het voedsel bestaat uit kleine kreeftachtigen, borstelwormen, tweekleppigen en andere zeedieren. Ze kunnen erg agressief zijn. Bij bedreiging plaatst het dier zich in gevechtshouding met opgeheven, altijd openstaande scharen. Afgeworpen of afgebroken ledematen groeien later weer aan door vervelling.

Voortplanting

[bewerken | brontekst bewerken]

De vrouwtjes kunnen diverse malen per jaar worden bevrucht, maar alleen als ze net zijn verschaald. Tijdens de paring draait het vrouwtje zich op haar rug wat een opmerkelijk gezicht is. Na de bevruchting kunnen zij nog maandenlang met de bevruchte eitjes blijven rondlopen tot deze zijn uitgekomen. Nadat de jonge krab uit het ei is gekropen, worden eerst vier vrijzwemmende larvale stadia doorlopen voor de larve een kleine krab is. Deze eitjes worden onder het buikpantser (eigenlijk de staart) gedragen. Er is echter een parasiet genaamd krabbezakje (Sacculina carcini), een geleedpotige die sterk aan de eimassa doet denken en zich op dezelfde plaats bevindt, deze parasiet resulteert ook in het onvruchtbaar worden van de krab.

Referentiegenoom

[bewerken | brontekst bewerken]

In 2025 hebben onderzoekers in Nederland het volledige genoom van Carcinus maenas bepaald.[3] Met deze genetische blauwdruk kunnen wetenschappers evolutionaire aanpassingen en de ecologische rol van deze veel voorkomende, maar ook invasieve, krab doorgronden.

Het natieve habitat van de strandkrab bevindt zich in de Noordzee en aanverwante wateren. Door handel via schepen is de strandkrab echter in andere wateren, zoals in Noord-Amerika en Afrika, invasief geworden [4]. De strandkrab vormt een probleem voor de vishandel door onder meer het feit dat vrouwtjes tot 400,000 eitjes kunnen leggen in een enkele worp [5], hun dieet dat bestaat uit vele soorten mosselen die gebruikt worden voor de handel [6] en door zachtere winters.

In een poging dit probleem in te dammen wordt de strandkrab gebruikt ter consumptie [7].

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie de categorie Carcinus maenas van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.