caminar
Uiterlijk
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| tegenw. tijd |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| camino | caminava | caminat |
| 1e vervoeging | volledig | |
caminar
- ca·mi·nar
caminar
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| caminar |
caminaba |
caminado |
| volledig | ||
- onovergankelijk lopen, gaan, wandelen, trekken, reizen (zich verplaatsen)
- overgankelijk afleggen (van afstand)
Categorieën:
- Woorden in het Catalaans
- Werkwoord in het Catalaans
- Werkwoord van de eerste vervoeging in het Catalaans
- Woorden in het Spaans
- Woorden in het Spaans van lengte 7
- Woorden in het Spaans met audioweergave
- Woorden in het Spaans met IPA-weergave
- Werkwoord in het Spaans
- Onovergankelijk werkwoord in het Spaans
- Overgankelijk werkwoord in het Spaans