insulaire
Uiterlijk
- in·su·lai·re
insulaire
- verbogen vorm van de stellende trap van insulair
- Het woord insulaire staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- geattesteerd sinds de 16de eeuw; geleend van Laatlatijn insularis, een afleiding van insula "eiland" [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk / vrouwelijk |
insulaire | insulaires |
insulaire
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| insulaire | l'insulaire | insulaires | les insulaires |
- ↑ insulaire (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 9
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Frans
- Zelfstandig naamwoord in het Frans