afplatten
Uiterlijk
- af·plat·ten
- samenstelling van af bw en platten ww
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| afplatten |
platte af |
afgeplat |
| zwak -t | volledig | |
afplatten
- overgankelijk een ronde vorm gedeeltelijk vlak maken
- De aarde is als iedere planeet door de rotatie van de planeet aan de polen enigszins afgeplat.
| vervoeging van |
|---|
| afplatten |
afplatten
- (in een bijzin) meervoud verleden tijd van afplatten
- ...dat wij afplatten.
- ...dat jullie afplatten.
- ...dat zij afplatten.
- ...dat wij afplatten.
- Het woord afplatten staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "afplatten" herkend door:
| 91 % | van de Nederlanders; |
| 93 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-t) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 91 %
- Prevalentie Vlaanderen 93 %